![]()
|
|
nieuws inleiding kenmerken levenswijze voedsel de burcht biotoop voortplanting verspreiding tunnel afbeeldingen literatuur |
Voortplanting Een mannetje en een vrouwtje blijven waarschijnlijk hun hele leven bij elkaar. Ze paren in juli of augustus, maar de embryo's beginnen zich pas in december of januari te ontwikkelen. Zo’n verlengde draagtijd komt vaak voor bij Marterachtigen. De bevruchte eicel deelt zich een paar keer en houdt dan voor een paar maanden op met groeien. Pas in de winter of het voorjaar gaat het embryo verder met groeien, waardoor de jongen in een gunstig jaargetijde (februari/maart) geboren worden. In totaal heeft een dassenjong 60 groeidagen nodig voordat het geboren wordt. In Nederland is het aantal jongen per worp 1 tot 5, maar twee is normaal. Bij de geboorte zijn ze 12,5 cm lang, waarvan 4 cm staart. Ze zijn witachtig van kleur en doof en blind. Pas na 30 dagen kunnen ze hun ogen opendoen. De moeder zoogt de jongen ongeveer 3 maanden. In de eerste 6-8 weken van bun leven blijven de jongen ondergronds; daarna gaan ze voorzichtig de wereld boven ze verkennen. Als ze de burcht uitgaan komt eerst de moeder de omgeving met gesnuffel inspecteren. Dan gaat zij terug om haar jongen op te halen. In het begin blijven ze maar kort buiten en schieten ze bij het minste teken van onraad terug in de veilige burcht. Na een week worden ze wat moediger en beginnen hun omgeving te onderzoeken en ruwe en woeste spelletjes met eikaar te spelen. Later worden ze door de moeder mee genomen en leren zelf hun eten te zoeken. Ze verlaten hun ouders tenslotte in oktober. Lees ook het artikel op de nieuwspagina |
ICT voor mkb en (non-)profitorganisaties |
laatste wijziging: 12-07-2008 |